De bijeenkomsten – op donderdag 3 maart in ‘De Niervaert’ in Klundert en op donderdag 24 maart in ‘Dorpshuis Streona’ in Strijen - verliepen grotendeels langs dezelfde lijnen. Doel van de avonden was om inzicht te krijgen in wat er op het Shell Moerdijk terrein is gebeurd en omwonenden de kans te geven hun zorgen te uiten en vragen te stellen. Er vonden drie presentaties plaats: Shell ging in op het incident, de GGD op de gezondheidsaspecten en de OMWB op toezicht en handhaving. Bovendien gaven de burgemeesters van Moerdijk en Strijen hun reflecties.

Guus Govaart trad op beide avonden op als onafhankelijk voorzitter (en is tevens voorzitter van de Burenraad van het Havenschap Moerdijk). General Manager Paul Buijsingh sprak na afloop: “We zijn blij dat we deze avonden hebben georganiseerd. Omwonenden stelden ons goede, kritische vragen. Voor die kritische vragen hebben wij uiteraard alle begrip; de impact die wij op onze buren hebben gehad, is groot geweest. Het is aan ons om onze fabrieken veilig te opereren. Daar mogen onze buren geen overlast van ondervinden. We gaan er hard aan werken dat dit ook niet meer zal gebeuren. ”

Hier volgt een verslag op hoofdlijnen van deze avonden.

Niet de standaard

Paul Buijsingh, General Manager van Shell Moerdijk, gaf een toelichting op wat er in de periode van 21 november 2015 en 27 januari 2016 is gebeurd en hoe een hoeveelheid van 27,7 ton EO naar de buitenlucht heeft kunnen ontsnappen.

Door de ‘normale situatie’ en de ‘situatie tijdens de emissie’ te vergelijken, maakte hij duidelijk hoe het kon gebeuren dat de bewuste afsluiter na werkzaamheden niet werd gesloten en hoe deze twee maanden onopgemerkt open kon blijven staan. Rode draad in zijn verhaal was dat dit incident nooit had mogen gebeuren en dat dit niet de heersende veiligheidsstandaard is op Shell Moerdijk.

Het maakt duidelijk dat het verbeterprogramma (gericht op veilig en betrouwbaar opereren, excellent vakmanschap en operational excellence) dat na de explosie van de MSPO-2 fabriek in juni 2014 is opgestart, onvoldoende voortgang heeft geboekt. Er komt daarom een toevoeging en versnelling op het bestaande verbeterprogramma (vorming van een expertteam met in- en externe vertegenwoordigers, senior support en een klankbordgroep met in- en externe vertegenwoordigers) waarbij het voorkomen van incidenten centraal staat.

Conclusie

Vervolgens gaf Laurens Hondema, GGD arts i.o., een presentatie. Hondema werd hierin bijgestaan door Henk Jans, arts Maatschappij en Gezondheid, medische milieukunde, chemicus en gezondheidskundig adviseur gevaarlijke stoffen. De GGD trad onafhankelijk op. Hondema ging in op de gezondheidskundige risicobeoordeling naar aanleiding van de EO-emissie. Hij behandelde de stofeigenschappen van EO, de gezondheidseffecten bij blootstelling, de korte en lange termijn effecten, hoe risico’s na blootstelling te beoordelen, de normen en toetsingswaarden, beschreef de emissiesituatie en hoe de berekening en toetsing aan de normen (door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, RIVM) heeft plaatsgevonden om vervolgens tot een conclusie te komen.

Deze conclusie luidde dat er op de korte termijn geen direct acute risico’s zijn voor de omwonende bevolking en werknemers van omliggende bedrijven. Ook op de langere termijn (extra risico op kanker) zijn er voor de bevolking en werknemers van omliggende bedrijven geen extra risico's. Dit laat echter onverlet dat er veel verontwaardiging en onrust bij omwonenden is veroorzaakt.

Handhaving

Hierna was het de beurt aan de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB). In Klundert was het woord aan Ron Ooms, Team Manager Toezicht & Handhaving van de OMWB; in Strijen aan Remco van den Akker, Programma Manager Risicovolle bedrijven bij de OMWB. Beide heren gingen naast het EO incident, ook in op de vergunningverlening aan risicovolle (BRZO) bedrijven en op de wijze van toezicht en handhaving (jaarlijkse en onaangekondigde inspecties).

Tijdens een vierdaagse BRZO inspectie bij Shell Moerdijk in 2015 werden geen overtredingen in de categorieën 1 en 2 gevonden en één overtreding in de lichtste categorie (3). Naar aanleiding van het EO incident stelde de OMWB een eigen onderzoek. Ook de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) stelde een onderzoek in. De OMWB meldde dat Shell de komende tijd meer BRZO controles kan verwachten.

Vragen

Na afloop van de verschillende presentaties kregen de aanwezigen gelegenheid tot het stellen van vragen. Gedurende de avonden was er regelmatig sprake van veel wantrouwen bij de aanwezigen. Dit kwam tot uiting in zeer kritische vragen en opmerkingen en zelfs twijfels over de geloofwaardigheid van de gepresenteerde GGD-cijfers. In Strijen was meer onrust dan in Klundert en de zorgen aangaande gezondheidsaspecten en emoties gingen dieper. Aanwezigen stelden goede, scherp inhoudelijke vragen.

De onrust in Strijen strekte verder dan alleen het incident bij Shell. Veel vragen waren te herleiden tot een algemeen onbehagen onder de bevolking over de hinder afkomstig van het Havenschap en het gevoel niet gehoord te worden door autoriteiten en overheden. Er was frustratie over het feit dat Strijen en Strijensas de dupe lijken te zijn van hun geografische ligging en hierdoor te maken hebben met twee provincies en twee instanties van bevoegd gezag: de Omgevingsdienst regio Zuid-Holland Zuid en de OMWB.

Ook waren er vragen (en klachten) over overlast van scheepvaartverkeer op het Hollands Diep en specifiek over (het verbod op) het ontgassen van scheepsruimen op het Hollands Diep en bijbehorende overlast. Het OMWB zei hier geen handhaver te zijn; dit is Rijkswaterstaat (RWS).

Reflectie

In Klundert nam burgemeester Klijs van Moerdijk tijd voor reflectie. Klijs deelde met Shell de opvatting dat een dergelijk incident niet had moeten kunnen gebeuren. Hij gaf duidelijk aan dat Shell de eerstverantwoordelijke is, niet de overheid. De veiligheidscultuur bij Shell moet omhoog (naar minstens een ‘9’). Klijs zei te snappen dat een lekkage kan gebeuren, maar niet dat zoiets twee maanden kan duren.

In Strijen nam burgemeester Moerkerke de tijd voor reflectie. Hij uitte zijn ongeloof over de veiligheidssituatie bij Shell. Hij vond het onbegrijpelijk dat de gemiddelde auto betere signalen geeft bij onveiligheid (bijvoorbeeld bij het niet dragen van een gordel) dan een risicovol bedrijf als Shell. Hij pleitte voor verscherping van toezicht door de toezichthoudende organisaties en zei blij te zijn met het uit te voeren OVV onderzoek.

Na een korte pauze vond een plenaire sessie plaats.
In Klundert namen hieraan deel: burgemeester Klijs, Paul Buijsingh, Ron Ooms, Laurens Hondema en Henk Jans; in Strijen burgemeester Moerkerke, Paul Buijsingh, Remco van den Akker, Laurens Hondema en Henk Jans. Het merendeel van de vaak kritische vragen uit de zaal was voor Paul Buijsingh: “Shell Moerdijk zal er alles aan doen om verder te verbeteren en incidenten in de toekomst te voorkomen.”

Meer in Over ons