Hier behandelen we veel gestelde vragen over deze zaak, met een update van het FAQ-document dat voor het eerst werd gepubliceerd in juni 2021. 

Deel 1 De Klimaatzaak en de uitspraak van het hof

1. Waar ging de zaak in eerste aanleg over?

In hun vorderingen eisten Milieudefensie, zes andere NGO's en 17.000 individuen:

  • Een verklaring dat de huidige gecombineerde jaarlijkse hoeveelheid kooldioxide (CO2) emissies van Shell onrechtmatig is en moet worden verminderd.
  • Een verklaring en een bevel tot staking (een bevel dat een partij verplicht een specifieke handeling te doen of daarmee te stoppen) dat Shell de netto CO2-uitstoot van de Shell-groep, inclusief de verkochte energieproducten, tegen 2030 ten opzichte van 2019 met 45%, 35% of 25% verlaagt. Onder "netto CO2-uitstoot" wordt verstaan de uitstoot van onze operaties en van de brandstoffen en andere energieproducten die wij aan onze klanten verkopen, verminderd met de uitstoot die wordt opgevangen en opgeslagen of gecompenseerd zoals door het planten van bomen en het beschermen van de natuur.
2. Wat was de uitspraak van de rechtbank en is deze onmiddellijk uitvoerbaar?

De rechtbank oordeelde dat Shell op dit moment niet onrechtmatig handelt, maar bepaalde wel dat Shell de totale CO2-uitstoot van de activiteiten van de Shell-groep en de verkochte energiedragende producten tegen eind 2030 met 45% (netto) moet hebben verminderd ten opzichte van haar uitstoot in 2019. De rechtbank oordeelde dat het besluit onmiddellijk uitvoerbaar is tegen Shell en niet mag worden opgeschort in afwachting van een beroep.

Volgens de uitspraak geldt de reductie zowel voor Shells eigen emissies (Scope 1), waarvoor de rechter een verplichting heeft opgelegd om het specifieke resultaat van een reductie van 45% te bereiken, als voor de emissies van Shell’s energieleveranciers (Scope 2) en klanten (Scope 3), waarvoor de rechter een zogenoemde "significant best-efforts obligation" heeft opgelegd. De rechtbank verwees naar de wereldwijde emissies van Shell, niet alleen naar emissies binnen Nederland, en zij verwees naar emissiereductie in absolute termen, niet naar koolstofintensiteit.  

De rechtbank stelt uitdrukkelijk dat Shell de "volledige vrijheid heeft om haar reductieverplichting naar eigen goeddunken na te komen". De rechtbank staat compensatie van CO2-uitstoot toe, bijvoorbeeld door CO2-afvang en -opslag of op de natuur gebaseerde oplossingen, zoals het planten van bomen en het beschermen van de natuur.

3. Wat is de rechtsgrondslag van de uitspraak?

De rechtbank heeft haar bevindingen gebaseerd op een "ongeschreven zorgvuldigheidsnorm" naar Nederlands recht. Daarnaast beschouwde de rechtbank klimaatverandering als een mensenrechtenkwestie en stelde zij dat het universeel aanvaard is dat alle bedrijven de mensenrechten moeten respecteren en alle feitelijke of potentiële negatieve gevolgen voor de mensenrechten van hun eigen activiteiten of als gevolg van hun zakelijke relaties moeten beoordelen. De rechtbank zei dat de gevolgen van klimaatverandering in Nederland en het Waddengebied een bedreiging vormen voor de mensenrechten van Nederlandse ingezetenen en de bewoners van het Waddengebied.

4. Welke reden heeft de rechtbank gegeven voor het specificeren van een netto reductie van 45% in 2030 ten opzichte van het niveau van 2019?

De rechtbank besloot dat, om de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5 ˚C, de wereld moet kiezen voor reductiepaden die de CO2-uitstoot tegen 2030 netto met 45% verminderen ten opzichte van het niveau van 2010. De rechtbank verwees specifiek naar het IPCC, het UNEP, de Overeenkomst van Parijs, het IEA en andere internationale organen, overeenkomsten en beleidsmaatregelen. De rechtbank koos 2019 in plaats van de niveaus van 2010 als basis voor deze beslissing omdat Milieudefensie specifiek om de datum van 2019 had verzocht.

5. Heeft de rechtbank financiële sancties ingevoerd om naleving van haar uitspraak af te dwingen, met name wat betreft het feit dat de uitspraak onmiddellijk uitvoerbaar is?

De rechtbank is tot de conclusie gekomen dat Shell momenteel niet onrechtmatig handelt en er is geen uitspraak gedaan over mogelijke aansprakelijkheid in verband met toekomstige handelingen. De rechtbank heeft geen mogelijke sancties tegen het bedrijf uitgesproken in verband met de uitvoering van de uitspraak. 

Deel 2 Het beroep van Shell

6. Waarom gaat Shell in beroep tegen de uitspraak van de rechtbank?

Wij zien de uitspraak van de rechtbank als een aansporing om onze strategie te versnellen en wij willen die uitdaging aan gaan. Wij hebben een absolute klimaatdoelstelling vastgesteld om de emissies van onze activiteiten in 2030 te hebben gehalveerd, vergeleken met het niveau van 2016 (op een netto basis). Dit positioneert ons goed om aan de verplichtingen van de rechtbank te voldoen, voortbouwend op de eerder door Shell vastgestelde energie-intensiteitsdoelstellingen voor de korte, middellange en lange termijn.

Maar zelfs met een ambitieuze strategie en doelstellingen zijn er aspecten van het vonnis van de rechtbank die gewoon niet haalbaar - of zelfs redelijk - zijn om van Shell, of welk bedrijf dan ook, te verwachten. De uitspraak van de rechtbank houdt Shell in feite verantwoordelijk voor een breder wereldwijd probleem, namelijk het terugdringen van de vraag van de consument naar brandstoffen op basis van koolstof.

Shell werkt er voortdurend aan om haar klanten te helpen hun emissies te verlagen via de producten die wij verkopen. Maar ondanks het feit dat Shell een belangrijke wereldwijde energieproducent is, kan zij alleen de energiekeuzes van haar klanten niet rechtstreeks beïnvloeden. Het is aan overheden om de juiste afwegingen voor de samenleving te maken en om beleid in te voeren dat fundamentele veranderingen teweegbrengt in de manier waarop de samenleving energie verbruikt.

Wij geloven dat we goede juridische gronden hebben om in beroep te gaan, maar we zijn er ook duidelijk over dat Shell, ongeacht de uitkomst, een leider wil zijn in de energietransitie.

7. Kunt u de argumenten van uw hoger beroep samenvatten?

De rechtbank baseerde haar uitspraak op een "ongeschreven zorgvuldigheidsnorm" naar Nederlands recht. Om van een ongeschreven zorgvuldigheidsnorm te kunnen spreken, zou die zo duidelijk, algemeen bekend en begrepen moeten zijn dat iedereen - niet alleen landen en bedrijven, maar ieder mens - weet en aanvaardt dat hij zijn koolstofuitstoot tegen 2030 met 45% moet hebben verminderd. Het is niet duidelijk hoe Shell kan worden gelast de koolstofuitstoot te verminderen die wij niet in de hand hebben, van klanten die niet een soortgelijke wettelijke verplichting hebben om hun uitstoot te verminderen.

Shell alleen kan de energiekeuzes van haar klanten niet rechtstreeks beïnvloeden; het is aan overheden om de juiste afwegingen voor de samenleving te maken en het beleid in te voeren dat fundamentele veranderingen teweegbrengt in de manier waarop de samenleving energie verbruikt. Wij kunnen evenmin sneller onze uitstoot terugbrengen dan de sectoren waarin wij actief zijn, hoewel wij ons best zullen doen om het tempo op te voeren. De verplichting die de rechtbank heeft vastgesteld, is veel strenger dan de meest vooruitstrevende plannen en -scenario's ter wereld, zoals het door de EU voorgestelde "Fit for 55"-pakket en het "Net Zero Emissions"-scenario van het Internationaal Energieagentschap.

Recente uitdagingen op het gebied van energievoorziening en pieken in de energieprijzen onderstrepen eens te meer de belangrijke rol die overheden moeten spelen bij het vinden van een evenwicht tussen de noodzaak om de klimaatverandering aan te pakken en het garanderen van een zekere, betrouwbare en betaalbare energievoorziening.

8. Wanneer heeft Shell aangekondigd in beroep te gaan?

Shell heeft op 20 juli 2021 bevestigd dat zij tegen de uitspraak van de rechtbank in beroep zou gaan, en heeft op 23 augustus 2021 een beroepsprocedure ingeleid. Op 22 maart 2022 diende zij haar beroepschrift in bij het Nederlandse Gerechtshof in Den Haag. Elk beroep in Nederland is volledig "de novo", wat betekent dat alle kwesties en bewijzen opnieuw kunnen worden bekeken.

9. Hoe lang zal het beroep duren?

Wij verwachten dat de beroepsprocedure 2-3 jaar in beslag zal nemen.

10. Waarom denkt u dat rechtszaken tegen bedrijven weinig bijdragen aan de aanpak van klimaatverandering?

De energietransitie is een uitdaging voor de hele wereld. Om in de komende drie decennia te helpen omschakelen naar een koolstofarm energiesysteem wordt van de huidige generaties gevraagd de manier waarop energie wordt opgewekt en gebruikt te veranderen op een schaal en met een snelheid die de mensheid nog nooit heeft gezien.

We zijn het erover eens dat de wereld alleen op schonere energie kan overschakelen als we snel handelen, maar we moeten ook samenwerken. Concentratie op één bedrijf, zoals de rechtbank heeft gedaan, leidt ertoe dat anderen voorzien in de behoeften van de klanten van dat bedrijf, en niet tot een vermindering van de vraag of de uitstoot. Dit is een politieke evenwichtsoefening, en er is een doeltreffend, door de overheid geleid beleid nodig om de juiste afwegingen te maken en de manier te veranderen waarop de samenleving energie verbruikt, en tegelijk in te spelen op kritieke behoeften zoals energiezekerheid en toegang tot energie, die van land tot land verschillen. Deze uitdagingen kunnen niet worden opgelost door rechtszaken tussen particuliere partijen en vonnissen tegen individuele bedrijven.

Vraag 11: Voldoet u aan het bevel van de rechtbank?

De rechtbank stelt uitdrukkelijk dat Shell de "volledige vrijheid heeft om haar reductieverplichting naar eigen goeddunken na te komen" met een deadline van 2030. We nemen actieve stappen om te voldoen aan de uitspraak van de rechtbank. Dat doen we door onze Powering Progress-strategie te versnellen, door vooruitgang te boeken bij het verminderen van onze emissies in overeenstemming met onze klimaatdoelstellingen, en door samen te werken met klanten, sector per sector, om het energiesysteem te helpen veranderen.

12. Wat gaat Shell nu doen om aan de uitspraak te voldoen?

Het beroep tegen de uitspraak van de rechtbank verandert niets aan de doelstelling van Shell om in 2050 een energiebedrijf te zijn met een netto-uitstoot van nul. Wij zien het bevel van de rechter als een aansporing om onze Powering Progress-strategie te versnellen en nemen actief stappen om aan het bevel te voldoen.

Meer in het bijzonder hebben wij ons ten doel gesteld om onze Scope 1- en Scope 2-emissies onder onze operationele controle tegen 2030 netto met 50% te verminderen ten opzichte van onze emissies in 2016. Ons operationeel plan voor 2022 weerspiegelt deze nieuwe doelstelling, die wij van plan zijn te bereiken, ongeacht of wij ons beroep tegen de uitspraak winnen of verliezen.

Het is onze bedoeling om de transformatie van Shell naar een netto-nulbedrijf te versnellen door niet alleen onze eigen emissies te verlagen, maar ook om verandering in het bredere energiesysteem te helpen bewerkstelligen. Daartoe behoort ook het helpen van klanten om hun emissies te verlagen wanneer zij onze producten gebruiken, de zogeheten Scope 3-emissies. Onze aanpak omvat bijvoorbeeld investeringen in hernieuwbare energie zodat meer huizen en bedrijven op koolstofarme elektriciteit kunnen draaien, zoals recente aankondigingen in Nederland, de VS, het VK en Australië aantonen; de bouw van een uitgebreider netwerk van oplaadpunten voor klanten met elektrische voertuigen; en investeringen in koolstofarme brandstoffen voor sectoren die moeilijker te reduceren zijn, zoals de luchtvaart en zwaar transport. Dit omvat samenwerking met luchtvaartmaatschappijen zoals KLM om het luchtvervoer duurzamer te maken, en het creëren van de infrastructuur die nodig is om schone waterstof tot bloei te brengen. De waterstofelektrolyser die we onlangs in China hebben opgestart, leverde ongeveer de helft van de waterstof voor brandstofcelvoertuigen in de wedstrijdzone van Zhangjiakou tijdens de recente Winterspelen.

13. Hoe reageert u op recente aanteigingingen over de vermeende aansprakelijkheid van de raad van bestuur Shell plc. met betrekking tot de energietransitiestrategie van Shell?

Shell respecteert de vele uiteenlopende opvattingen van aandeelhouders over manieren om met klimaatgerelateerde risico's om te gaan. We kunnen ons niet vinden in beweringen dat Shell-bestuurders hun wettelijke verplichtingen niet hebben nageleefd. We houden vol dat ze te allen tijde hebben geprobeerd te handelen in het belang van het bedrijf.

Vorig jaar stemde 89% van Shells aandeelhouders voor onze energietransitiestrategie. We voeren die strategie uit en dit jaar vragen we aandeelhouders weer om te stemmen over onze voortgang. Dat gaan we tot 2050 elk jaar doen. De volgende update van onze energietransitiestrategie wordt in 2024 weer ter raadgevende stemming voorgelegd. In 2023 geven we weer een update over de voortgang.

Meer Shell

Powering Progress

Powering Progress sets out our strategy to accelerate the transition of our business to net-zero emissions.

Waarom Shell in hoger beroep gaat

Shell heeft hoger beroep ingediend tegen de uitspraak van mei 2021 door de rechtbank in Den Haag. In die uitspraak verplicht de rechtbank Shell om haar wereldwijde CO2-uitstoot met netto 45% terug te brengen in 2030, vergeleken met de hoeveelheid in 2019.

Shell en de klimaatzaak

Op 22 maart hebben we ons hoger beroep ingediend tegen de uitspraak in de klimaatzaak door de rechtbank Den Haag. Lees in ons dossier over de zaak waarom we in beroep gaan, hoe we werken aan een toekomst met schonere energie en wat we doen én gaan doen voor de Nederlandse energietransitie. 

Wat er tot nu gebeurde

In 2019 dagvaardden Milieudefensie en andere organisaties Shell. Wat gebeurde er sindsdien? Plus: alle ingediende juridische documenten van Shell.