
Feit en fictie: Shell helpt het openbaar vervoer
Je kent Shell als hofleverancier van benzine, diesel, LPG en wellicht ook van de elektrische laadpalen voor scooters, motoren en auto’s. Wellicht ben je vaste klant bij het station op de hoek, langs de weg of gebruik je een van de vele laadpalen die via dochter Ubitricity in steeds meer straten verschijnen. Maar, helpt Shell ook het Nederlandse openbaar vervoer?
Tekst: Marcel Burger. Beeld: NS
Ja natuurlijk, als bussen op Shell-diesel rijden of de elektriciteit van een van de windparken van Shell en partners op de Noordzee zou komen. Maar zo gemakkelijk komt Shell er niet vanaf. Wat doet het van oorsprong olie- en gasbedrijf nu actief aan het vooruit helpen van de Nederlander die bewust kiest voor de bus, de tram of de trein – of voor wie de auto geen optie is.
Feit: Shell zorgt ervoor dat treinen op hernieuwbare stroom rijden
In tegenstelling tot veel andere landen, waar bijvoorbeeld kolen nog steeds de belangrijkste bron voor het opwekken van elektriciteit is, kunnen de vervoerders op het Nederlands spoor gemakkelijk hardmaken dat ze je duurzaam van A naar B brengen. Vanaf volgend jaar dankzij Shell en energiemaatschappij PZEM. Samen worden al die circa 30 spoorbedrijven – met de NS als grootste – van hernieuwbare stroom uit wind en zon voorzien.
Fictie: Alle Nederlandse treinen rijden op windkracht van de Nederlandse Noordzee
Alhoewel Shell samen met partners drie windparken in de Nederlandse zone van de Noordzee heeft en de bouw van het vierde in voorbereiding is, gaat die stroom niet per se naar de treinen op het Nederlandse spoor. Ook de zes door Shell gebouwde zonneparken in Nederland leveren hun opbrengst niet direct aan de trein.
Wat dan wel?
De Nederlandse Spoorwegen rijden al op 100% hernieuwbare stroom. Vanaf 2025 gaat PZEM die stroom leveren, voor in ieder geval drie jaar. Binnen vorig jaar gemaakte afspraken levert Shell de zogeheten Garanties van Oorsprong (GVO). Die GVO’s laten zien waar de stroom vandaan komt. Voor de Nederlandse spoorvervoerders is afgesproken dat de stroom door Europese zonne- en windparken wordt opgewekt. Zo’n park kan op de Noordzee, maar dus ook in bijvoorbeeld Duitsland of op de Oostzee staan.
Vergelijkbaar met Amsterdam of Rotterdam
Alle reizigers- en goederenvervoerders op het Nederlandse spoor hebben zo ook vanaf 2025 dankzij de afspraken de garantie dat er in Europa op jaarbasis net zoveel duurzame elektriciteit wordt geproduceerd als de treinen verbruiken. Dat is jaarlijks 1,46 terrawatt/uur, min of meer vergelijkbaar met wat grote steden als Amsterdam of Rotterdam in 365 dagen opmaken.
Voor het regionale vervoer
Shell doet daarnaast nog meer, speciaal voor het regionale vervoer. Zo rijden er in Groningen en Drenthe bussen op waterstof van Shell, waardoor die behalve waterdamp geen schadelijke uitstoot hebben. Vooralsnog tanken de bussen in Groningen en Emmen gewone waterstof, maar in de toekomst zou dat best eens groene waterstof kunnen zijn, gemaakt met wind van zee. Maar zover is het nog niet. Weet wel dat Shell met partners als enige in Nederland daadwerkelijk een groene waterstoffabriek aan het bouwen zijn, op de Tweede Maasvlakte bij Rotterdam.