
Nederland op weg naar 2030 in 7 grafieken
Nederland op weg naar 2030. Hoe staat het land ervoor in het halen van de klimaatdoelstellingen. In 7 grafieken.

Tekst: Marcel Burger. Beeld: Dirk Jan Pino.

Grafiek 1: Temperatuur in Nederland
De grafiek toont de gemiddelde temperatuur per jaar in °C, in Nederland in de vorm van een klimaatstreepjescode. Ieder verticaal streepje staat voor één jaar.
In 1910 tot eind jaren 1980 steeg de gemiddelde temperatuur in Nederland geleidelijk van ongeveer 8,6 graden naar iets boven de 9 graden. Sinds 1990 zit er een flinke stijging in naar ruim 11 graden gemiddeld in 2020.
Bron: KNMI

Grafiek 2: Broeikasgassen in Nederland
Grafiek 2 toont de ontwikkeling van de broeikasgasuitstoot in Nederland. De grafiek toont de megatons voor elektriciteit, industrie, gebouwde omgeving, landbouw en glastuinbouw, landgebruik en mobilieit van 1990 en 2022 in twee staafdiagrammen. Daarnaast een staafdiagram met de raming van 2030 en een met het doel van 2030.
In 1990 waren de broeikasgasemissies als volgt:
- Elektriciteit: 39,6 Mton
- Industrie: 87 Mton
- Land- en glastuinbouw: 33,3 Mton
- Landgebruik: 6,2 Mton
- Gebouwde omgeving: 29,7 Mton
In 2022 waren de broeikasgasemissies als volgt:
- Elektriciteit: 30,7 Mton
- Industrie: 49,8 Mton
- Land- en glastuinbouw: 29,6 Mton
- Landgebruik: 4,4 Mton
- Gebouwde omgeving: 19,6 Mton
De raming van 2030 is een uitstoot van 97 Mton, terwijl het emissiedoel met 123 Mton hoger lag. Het bijgestelde doel voor 2030 is 130 Mton.
Bron: KEV 2023

Grafiek 3: Hernieuwbare energie in Nederland
De grafiek toont de bronnen van hernieuwbare energie in Nederland in 2023
Van alle opgewekte energie kwamen de volgende percentages in 2030 uit de volgende bronnen:
- 3,4% wind op land
- 2,2% wind op zee
- 0,7% biogas
- 4% zonnepanelen
- 1% biogeen afval
- 0,9% biomassa huishoudens
- 1,4% biobrandstoffen
- 1% bijstoken
- 0,9% biomassa industrie
- 1,3% warmtepompen
- 0,4% geothermie (aardwarmte)
- 0,1% zonnewarmte
- 0,02% waterkracht
- 0,01% houtskool
Bron: energieopwek.nl, cijfers 2023

Grafiek 4: Verduurzaming energieketens
De grafiek toont een schematische weergave van de verduurzaming tot 2050 van de energieketens.
Langs de verticale as van deze staafdiagram staan warmte, elektriciteit, waterstof, koolstof (aardolie, aardgas, biomassa, kolen). Langs de horizontale as de jaarten 2019, 2025, 2030, 2035, 2040 en 2050.
De grafiek laat zien dat in 2019 tot en met 3035 het grootste deel van de energieproductie met aardolie, aardgas, biomassa en kolen nog altijd gebruik zal maken van fossiele brandstoffen. In 2040 zal fossiel nog ongeveer de helft zijn en de rest komt van biomassa en recycling. Pas in 2050 zal het koolstofgedeelte emissievrij zijn.
Bij waterstofproductie zal vanaf 2030 een mix van fossiel en CO2-vrije waterstof worden gemaakt, om vanaf 2040 geheel duurzaam te zijn.
Bij elektriciteitsproductie is de productie in 2030 voor circa 75% CO2-vrij, in 2035 voor 90% en vanaf 2040 geheel CO2-vrij.
Bij warmteproductie is al in 2025 zo'n 70% CO2-vrij, in 2030 is dat 90% en vanaf 2040 is het geheel CO2-vrij.
Bron: EBN

Grafiek 5: Toekomstig waterstofnetwerk
De grafiek laat het beoogde toekomstige waterstofnetwerk van Nederland zien, met een leidingnetwerk, waterstoffabrieken en beoogde stroomproductie van windparken om die waterstof te kunnen maken.
Volgens de Gasunie zouden er waterstoffabrieken komen bij Rotterdam, bij Vlissingen, bij Amsterdam en bij Groningen. Elke fabriek zou de stroom van haar "eigen" windpark op zee moeten halen. Vervolgens wordt die waterstof vervoerd naar klanten in Gent en Antwerpen in België, naar Limburg en naar het Duitse Ruhrgebied.
In het noordoosten van Nederland is bij Zuidwending een ondergrondse waterstofopslag gepland. Van buitenaf kan waterstof volgens de Gasunie ook vanuit Den Helder worden aangevoerd per pijpleiding, om daar de aansluiting te vinden op het Nederlandse leidingnet.
Bron: Gasunie

Grafiek 6: Ruimtegebruik in Nederland
De grafiek laat het Ruimtegebruik in Nederland (exclusief groot water) zien.
Infrastructuur, woonterrein, bouwterrein en overige bebouwd terrrein maken 16% van het ruimtegebruik uit. Recreatieterrein tussen de 2 en 3%. Bos is circa 9% en ander natuurlijk terrein tussen de 4 en 5%. Binnenwater is circa 5%. Verreweg het grootste deel van het Nederlands ruimtegebruik gaat op aan landbouw: zo'n 63 a 64%.
Bron: CBS, Kadaster – cijfers 2017

Grafiek 7: Energietransitie in Europa
De grafiek laat zien hoe landen zijn met het bereiken van het Europese doel om 40% minder uit te stoten dan in 2005. Gemiddeld lijkt de EU haar doelen voor 2030 niet te gaan halen. Het zal 13% achterblijven met bestaande maatregelen, of 8% in de min blijven met extra maatregelen er bovenop. Nederland haalt het op 10% na niet, of 9% niet met extra maatregelen.
Van de negen weergegeven landen (Zweden, Letland, Estland, Nederland, Frankrijk, Duitsland, Oostenrijk, België en Ierland) haalt alleen Zweden de doelen met bestaande maatregelen ruimschoots met 12% in de plus. Er zijn geen extra maatregelen bedacht. Estland haalt het niet met bestaande maatregelen (8% in de min), maar komt uit op 7% in de plus als het beoogde extra maatregelen neemt.
Hekkensluiters met bestaande maatregelen zijn België (-25%) en Ierland (-32%). Maar als België beoogde extra maatregelen neemt, zal het met -4% beter presteren in de energietransitie dan Nederland in 2030. Ierland zal blijven steken op -13%.
Buurland Duitsland loopt in ongeveer gelijke pas met Nederland: -15% met bestaande maatregelen, -10% met beoogde extra maatregelen.
Bron: Climate Action Report 2023 van de Europese Commissie